Het vierde mocht aantreden tegen het sterke team van Giessen en Linge uit Gorinchem. Teamleider Paul Castermans doet verslag van het nipte verlies.
Met een volle auto kwamen we aan bij het gemeentekantoor van Gorinchem. Niet omdat daar de wedstrijd werd gespeeld, maar omdat hier van de dichtstbijzijnde gratis parkeerplaats gebruikgemaakt kon worden. Een korte wandeling bracht ons als snel in de gezellige achterkamer van hotel-restaurant Metropole.
Als eerste was Lex klaar aan bord 6: ‘Verwachtte 1. e4, het werd echter 1. d4. Oh, maar mijn tegenstander heet Henk, en niet Hans. Even schakelen, maar natuurlijk, wij kennen elkaar, TATA. Henk mailde mij later nog, 2013, ik ook met zwart, stond gewonnen, blunderde een stuk en verloor. Wat blijkt, dezelfde opening toen! Grappig toch? Deze keer een remise, al heel snel. Henk zwaar verkouden, bood remise aan, ik wel zin in een middagje rondkijken, dus vond het prima. De cheeseburger die ik vervolgens in Gorinchem heb gescoord bevatte meer bloed dan de gehele partij.’
Joost hield het aan bord 8 wat langer uit, maar sleepte er dan ook (als enige!) een vol punt uit: ‘Aan bord 8 had ik als enige van ons team meer ratingpunten dan de tegenstander. Iedere 15 zetten won ik een pion zonder dat daar veel tegenover stond. Na 45 zetten hield mijn tegenstander het voor gezien.’
Hans speelde aan bord 2 niet voor het eerst dit seizoen eigenlijk een heel sterke partij tegen zeer serieuze tegenstand. Eerst netjes een pion gewonnen, daarna nog een… en toen het punt al mentaal geteld kon worden, ging er ineens eentje af, en daarna nog een… met schaak dit keer, waarna er zelfs ook een toren van het bord afgetikt kan worden. Dat was toch wel erg gortig, waarna Hans toch de handdoek in de ring gooide.
Zelf kreeg ik op bord 4 een stelling waarin ik iets te voortvarend tegenspel wilde creëren tegen een potentiële koningsaanval. Dat resulteerde na een kleine combinatie in het verlies van een kleine kwaliteit, maar mét wat praktisch tegenspel waar wit zich ook even op moest rekenen. Dat leek aanvankelijk aardig te lukken. Echter wist zwart zich toch op praktische wijze toch een beetje in de stelling terug te vechten, door eerst een toren te activeren, en daarna de kleine kwaliteit weer op te halen. De witspeler had aanvankelijk het resulterende eindspel wat anders ingeschat, maar met de hernieuwde kennis werd een remiseaanbod gedaan, wat dan toch enigszins dankbaar werd geaccepteerd door de zwartspeler.
Ger raakte aan bord 3 zijn 100%-status van het seizoen kwijt, al bleek er achteraf meer in het vat te hebben gezeten volgens de engine: ‘Met wit aan de slag tegen de clubkampioen van het vorige seizoen, Eddy Korevaar, in een klassieke Grünfeld. De stukken werden aan beide zijden van het bord rustig ontwikkeld, tot dat rond zet 13 de vlam werd ontstoken met e7-e5. Dit leidde in de partij tot een ruil die vervolgens om nauwkeurig spel vroeg. Dit hield in de praktijk in dat de witte loper van de zwarte velden in 11 zetten 10 keer (tussen de zetten 19-30) aan de beurt was, voordat remise werd overeengekomen. Heel bijzonder. Wit had op zet 21 het vuur opnieuw kunnen aanwakkeren met of een pionoffer (e2-e4) en de ruil van de witte loper van g2 of zelfs met een kwaliteitsoffer op de lange diagonaal (toren voor de loper van g7, beide met kleine plus. Les: meer gevoel ontwikkelen voor de dynamiek in het spel.’
Christian speelde op bord 5 met wit. ‘Ik wilde vandaag heel graag winnen, maar speelde een subobtimale variant tegen het Frans waarbij ik later kan kiezen of ik vol voor de winst ga of niet, maar ik kom al vrij snel uit theorie en nadat ik nog maar 20 minuten op de klok heb, begin ik in een moeilijk middenspel voor wit fouten te maken. Pas nadat hij ook een paar fouten begon te maken, komen we op zet 36 in een gelijk eindspel terecht, waarna ik gelijk mijn paard aanraak in tijdnood zie ik: oh shit, mijn pion! Na wat wonderlijk keepwerk met 1 pion minder in een eindspel, was mijn volgende schwindle er weer, helaas had ik dit keer niet meer dan een remise kunnen halen (weer).’
Rens Zuiderwijk haalde een knappe remise aan het eerste bord, en was ook geen moment echt in serieus gevaar gekomen. De partij leek zeer lang gelijk op te gaan, en de zwartspeler bood uiteindelijk remise aan toen de teamwinst praktisch binnen was gehengeld.
Tijn Verhoeven had aanvankelijk het betere van het spel aan bord 6, maar koos helaas voor een verkeerde afwikkeling en kwam uiteindelijk in een eindspel van loper tegen paard terecht waarin zwart een pion meer had, maar dit lastig kon verzilveren, onder andere door de dreiging van stukoffers. Een paar kleine foutjes zorgden er echter voor dat de kansjes voor zwart steeds wat reëler werden, totdat er uiteindelijk daadwerkelijk geen houden meer aan was.
Daarmee een nipt verlies moeten incasseren, wat de strijd in klasse 4H weer (jammer genoeg voor ons) spannender maakt.
|
|
Ronde 7 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Vonk, J.J. (Jaco) | 2133 | Zuiderwijk, R.E. (Rens) | 2015 | ½ – ½ | ||
| Nikoladze, G. (Gela) | 2013 | Iersel van, J.A.M. (Hans) | 1957 | 1 – 0 | ||
| Korevaar, E.L. (Eddy) | 1995 | Pepels, G. (Ger) | 2033 | ½ – ½ | ||
| Mulder, H.W. (Hemmo) | 2004 | Castermans, P.J.M. (Paul) | 1998 | ½ – ½ | ||
| Else, A.J. (Tony) | 1899 | Zouridis, C.S. (Christian) | 1787 | ½ – ½ | ||
| Boot, H. (Henk) | 1921 | Karstens, A. (Lex) | 1865 | ½ – ½ | ||
| Wingerden van, A.T. (André) | 1867 | Verhoeven, T.H.M. (Tijn) | 1783 | 1 – 0 | ||
| Rutgers, L.W. (Louis) | 1771 | Hoog op ’t, J. (Joost) | 1843 | 0 – 1 | ||
| Gemiddelde Rating: | 1950 | Gemiddelde Rating: | 1910 | 4½-3½ |